Op haar vorige plaat Platland, dat destijds een reactie was op de forse PVV-winst, liet Merel Pauw alias Elmer luid en duidelijk horen dat er in de Nederlandse hiphop nog een geëngageerd gat te dichten was. Twee jaar en een Edison later ligt er een nieuwe conceptplaat die je zowel omverblaast als op het verkeerde been zet: een album over mannen (ja, mannen), gemaakt door iemand die weigert ze te veroordelen of af te schrijven. Ze hoeven niet naar achteren, integendeel, Elmer ziet de potentie van de man, hoe toxic hij ook kan zijn. Muzikaal is Elmer de samenwerking aangegaan met producer Keenan Mundane (Wesley Fransen). Hij heeft Elmers sound meer drum 'n bass, sample-achtige hiphop en met vlagen een punky attitude gegeven, het is duidelijk energieker en ruiger dan haar eerdere werk. Dit in combinatie met Elmers kenmerkende, goedgevonden teksten, is het een huwelijk dat we graag horen. Elmer toont hiermee dat ze zich niet alleen conceptueel, maar ook in muzikaliteit continu opnieuw aan het uitvinden is. Hoogtepunten van de plaat zijn 'GEEN BEEST', 'NOG HEEL EVEN' en 'ALS JE NOG NIET RIJK BENT LIGT HET AAN JEZELF'. Die laatste rekent in amper anderhalve minuut af met de finance bro's in de manosphere met demo-take op een oude sample. Afsluiter 'IK HOU VAN HEN' maakt de plaat zoet en hoopvol af. Elmer spaart op deze plaat niemand, nog allerminst haarzelf. Er zit daarnaast veel humor en ongemak en er is geen enkel moment waarop ze pretendeert dé oplossing in pacht te hebben. Ze pleit vooral voor de man en de ruimte voor fouten maken die wij hem moeten geven. (Daan Hutting)